Tips & trucs voor een les Begin de week met Kunst

Wekelijks leveren wij een nieuw item van Begin de week met Kunst. Deze kun je als leerkracht of docent gebruiken om te bespreken in de les, of als ouder/verzorgen om met je kind(eren)samen te praten over kunst.

Het item kan een afbeelding van een schilderij of beeld zijn, maar ook een filmfragment van een theater- of dansvoorstelling, een film, een muziekfragment of kan gaan over erfgoed.
Als je dit met de klas/kind(eren) gaat bekijken of beluisteren, houdt dan de volgende punten in je achterhoofd:

  • Neem de tijd om de leerlingen/je kind(eren) naar de afbeelding of film te laten kijken. Als je 20 seconden in stilte naar een afbeelding van een kunstwerk kijkt dan zie je vaak al allerlei dingen die je in eerste instantie niet ziet. Bij de filmfragmenten staat aangeven hoelang of van waar tot waar je naar het fragment moet kijken, soms eerst zonder daarna met geluid, enz.
  • Bereid het item voor door het zelf te bekijken de vraag te lezen en de tekst onder antwoord/informatie door te nemen.
  • Als het kunstwerk zich daartoe leent dan kunt je beginnen met een paar ‘weetvragen’. Dit zijn vragen over de dingen die je ziet zoals, welke kleuren zijn hier gebruikt, welke vormen zie je, wat is dit voor voorstelling (toneel/dans/muziek/cabaret/musical/film).
  • Stel vervolgens de denk-vraag die onder de foto of het fragment staat.
  • Probeer de tips voor het voeren van een denkgesprek aan te houden (zie hieronder).
  • Onder het kopje antwoord/informatie vind je wat achtergrondinformatie die je kunt gebruiken bij de voorbereidingen het gesprek dat je in de klas gaat voeren.
  • Als de kinderen/leerlingen zijn uitgesproken, sluit je het item weer af. Het kan zijn dat een item zulke interessante vragen oproept dat je er later nog even op terug wilt komen. Of misschien er wel een werkopdracht aan wilt koppelen om zelf een kunstwerk/uitvoering in de stijl van het item te maken.

 

Tips bij het voeren van een kijk-, luister- en denkgesprek:Begin met goed luisteren

  •  Laat je eigen mening over het kunstwerk in eerste instantie achterwege.
  • Toon je eigen nieuwsgierigheid naar de kwestie.
  • Herhaal opmerkingen die van belang lijken. Als je herformuleert, vraag dan na of het klopt wat je zegt.
  • Het denk-gesprek (filosoferen) is een aangelegenheid van de hele groep. Soms kun je er voor kiezen om een vraag eerst in tweetallen te laten bespreken. De antwoorden uit zo’n tweetal-gesprek kunnen daarna plenair worden ingebracht. Er zijn maar weinig mensen die lang naar ‘meer van hetzelfde’ kunnen luisteren. Vraag daarom steeds of er andere antwoorden zijn, dat houdt het gesprek boeiend.
  • Maak eventueel notities op het digibord van wat er wordt besproken. Daarmee zorg je voor betrokkenheid: iedereen weet wat de vraag of kwestie is die wordt besproken
  • Accepteer ook het recht op zwijgen in de kring. In elke groep kinderen zijn sprekers en zwijgers. Iets dat uit eigen wil wordt gezegd is rijker dan gedwongen meepraten. Denkprocessen kunnen wreed worden verstoord door het geven van beurten.

(aangepast overgenomen uit: Filosoferen met beelden – Herman Tibosch, Marja van Rossum)

Heb je vragen over het bovenstaande of wil je eens van gedachten wisselen over hoe je deze les kunt invullen, dan kun je altijd mailen naar Els Brouwer.